Regels planschade

In de Wet op de ruimtelijke ordening staan onder meer de volgende regels over planschade waar u rekening mee moet houden 

  • Planschade hangt samen met planologische besluiten zoals een wijziging van een bestemmingsplan. Er is alleen sprake van planschade als de wijziging van het bestemmingsplan bebouwing of andere ontwikkelingen mogelijk maakt die eerst niet waren toegestaan. Die ontwikkelingen kunnen voor de omliggende woningen of terreinen bijvoorbeeld uitzicht- of privacyverlies of toename van hinder veroorzaken. En dat kan leiden tot vermindering van de waarde van uw woning of bedrijf.  

    Waren er in Schoonebeek bestemmingsplanwijzingen nodig? Voor de wamtekrachtinstallatie was een wijziging van het bestemmingsplan nodig. Deze procedure is inmiddels geweest. Voor de 18 winlocaties waren geen wijzigingen van het bestemmingsplan nodig.  
     
  • Voor verzoeken om planschade is de feitelijke verandering die plaatsvindt door de aanleg van installaties niet van belang. Het gaat puur om een vergelijking van de mogelijkheden van het vorige bestemmingsplan met de mogelijkheden van het nieuwe bestemmingsplan.  

    Voorbeeld: Soms was onder het oude bestemmingsplan bijvoorbeeld al agrarische bebouwing mogelijk, maar is die nooit gerealiseerd. Als de nieuwe installaties dan met die (onbenutte) mogelijkheden, die ook verlies van uitzicht en hinder hadden kunnen veroorzaken, worden vergeleken, kan blijken dat er geen of nauwelijks planschade is.  
     
  • Planschade kan alleen worden vergoed als de verzoeker eigenaar van het onroerend goed was vóórdat het bestemmingsplan (of ander planologisch besluit) is vastgesteld. Daarnaast is vereist dat een dergelijk planologisch besluit niet viel te verwachten.   

    Voorbeeld: In een oud bestemmingsplan kan zijn aangegeven dat in een wijziging van het bestemmingsplan of een nieuw bestemmingsplan nieuwe ontwikkelingen met betrekking tot energiewinning mogelijk zijn. Als dat bestemmingsplan al was vastgesteld voordat de verzoeker om planschade eigenaar was van de woning wordt geen planschade vergoed.
       
  • Een verzoek om vergoeding van planschade kunt u pas indienen als het betreffende planologische besluit helemaal is afgerond. Dus als dat onherroepelijk is. Dit kan soms wel twee tot drie jaar duren, bijvoorbeeld als de Raad van State nog een uitspraak moet doen. Vanaf het moment dat het bestemmingsplan onherroepelijk is, kunt u een verzoek om planschadevergoeding gedurende vijf jaar indienen.  

    N.B. Een verzoek om vergoeding van planschade staat verder geheel los van de planologische procedure. Ook als u bijvoorbeeld geen bezwaar tegen de bestemmingsplanwijziging heeft ingediend, kunt u wel gewoon planschade indienen. 
     
  • Voor het indienen van een verzoek om vergoeding van planschade is een heffing van € 500,00 verschuldigd. Deze wordt alleen teruggestort als de planschade wordt toegekend.
       
  • De eerste 2% van de waardevermindering wordt niet vergoed. Dus als de planschade lager is dan 2% wordt niets uitgekeerd en verder alleen het deel boven die 2%. Deze regeling is sinds 1 juli 2008 ingegaan bij de invoering van de nieuwe Wet op de ruimtelijke ordening. Informatie   Hoe werkt het? Regels planschade